Toutes les actualités du Ministre, les actualités politiques liées directement ou indirectement aux compétences sur lesquelles le cabinet travaille.

Lijst met reptielen die als huisdier mogen worden gehouden

Actualiteit
Liste des reptiles autorisés en Région bruxelloise

“Er zijn meer dan 11.000 verschillende soorten reptielen. Dat is veel! En veel exemplaren zijn niet geschikt voor het leven in gevangenschap. We moeten zorgen voor de bescherming van deze dieren. Daarom heb ik besloten het aantal soorten te beperken tot 422: 249 hagedissen, 107 slangen en 66 schildpadden ”, legt Bernard Clerfayt, de Brusselse minister van Dierenwelzijn, uit.

Lijst met reptielen van toepassing vanaf 01/06/2021

Op voorstel van Bernard Clerfayt heeft de Brusselse Regering in laatste lezing een lijst goedgekeurd met 422 reptielen die in het Brussels Gewest mogen worden gehouden: 249 hagedissen, 107 slangen en 66 schildpadden. De maatregel treedt in werking op 1 juni 2021.

 “Het opstellen van een lijst met diersoorten die als huisdier mogen worden gehouden, is essentieel om impulsaankopen af te remmen. En om de bescherming van dieren te versterken, is het nodig om normen vast te stellen voor het houden van dieren. Voor het eerst hebben we aan de lijst met reptielen de minimale voorwaarden voor het houden van dieren toegevoegd om het welzijn van deze dieren die specifieke voorzieningen vereisen, te garanderen. We konden niet langer wachten om het welzijn van deze nieuwe gezelschapsdieren, die steeds meer in trek zijn bij het grote publiek, te waarborgen”, verklaart Bernard Clerfayt, de Brusselse minister van Dierenwelzijn.

Vanaf 1 juni zullen Brusselaars die een soort wensen te houden die niet tussen de 422 exemplaren voorkomt, een erkenningsaanvraag moeten indienen bij Leefmilieu Brussel. Brusselaars die reptielen houden die niet op de lijst staan, kunnen ze houden op voorwaarde dat ze kunnen aantonen dat ze het dier reeds bezaten voor de positieve lijst met reptielen van kracht werd.

Criteria voor de opmaak van de lijst met toegelaten reptielen

Om te bepalen welke reptielen door particulieren mogen worden gehouden, hebben deskundigen uit de Brusselse Dierentuincommissie verschillende criteria vastgelegd:

  • het gemak waarmee het dier kan worden gehouden,
  • de toegang tot voedsel,
  • de handelbaarheid van het dier, rekening houdend met de grootte ervan;
  • de kwetsbaarheid van de soort,
  • het mogelijke gevaar voor de mens en
  • de beschikbaarheid van gedetailleerde informatie over het houden van de soort, met name over de behoeften en voorwaarden om de soort in gevangenschap te houden.

Reptielen, uitheemse dieren met specifieke behoeften

Deze nieuwe gezelschapsdieren worden steeds populairder. Steeds meer slangen, hagedissen en zelfs schildpadden worden door Brusselaars als huisdier gehouden. Een uitheems dier in gevangenschap houden is echter niet eenvoudig en vraagt kennis van zaken, tijd, ruimte en geld. Het was dus tijd om regels uit te vaardigen over de reptielsoorten die in het Brussels Gewest toegelaten zijn, om het houden van deze nieuwe gezelschapsdieren zo goed mogelijk te reglementeren.

Verlichting is erg belangrijk voor het welzijn van sommige reptielen. Het terrarium moet daarom verlicht worden volgens het ritme van het dier. Reptielen zijn koelbloedig, maar houden van warmte. Het terrarium moet zijn uitgerust met een warmtebron die geschikt is voor de soort en zijn behoeften. Ook ventilatie, voeding en water zijn aandachtspunten die behoren tot de normen die werden vastgelegd voor het houden van dieren. Tot slot moet de huisvesting beantwoorden aan de behoeften van de betrokken soort.

Begroting voor dierenwelzijn stijgt met 33%

Actualiteit
Begroting voor dierenwelzijn stijgt met 33%

De begroting voor dierenwelzijn wordt met 33% verhoogd. Deze stijging is ongezien sinds de regionalisering van deze bevoegdheid in 2014.

Deze evolutie van de begroting bewijst dat de minister van Dierenwelzijn, Bernard Clerfayt, de bescherming van de dieren in het Brussels Gewest wil verbeteren.

Naast de cijfers – we gaan van 1,5 miljoen naar 2 miljoen euro – heeft de minister op woensdag 25 november zijn projecten uiteengezet aan het Parlement in het kader van de voorstelling van de begroting voor 2021.

Aantal proefdieren verminderen

Het budget dat wordt toegekend voor de zoektocht naar alternatieve methoden, zal in 2021 met 250.000 euro worden verhoogd en aldus 360.000 euro bedragen. In 2019 is het aantal gebruikte proefdieren reeds met 25% afgenomen, van 80.000 in 2018 naar 60.000 dieren in 2019. De doelstelling van de Regering bestaat erin het aantal dieren dat bij wetenschappelijke experimenten gebruikt wordt, drastisch te verminderen.

Dierenasielen ondersteunen

Er zal 100.000 euro extra besteed worden aan het ondersteunen van de dierenasielen. Dat is een verdrievoudiging van het budget voor deze noodzakelijke maatregel om het welzijn van de dieren in deze opvangstructuren te waarborgen. “Momenteel werken erkende asielen voornamelijk dankzij donaties van particulieren. Middelen die sterk kunnen variëren van jaar tot jaar en waarmee sommige amper het hoofd boven water kunnen houden. Deze opvangstructuren zijn nochtans onze eerste partners in de strijd voor de bescherming van dieren”, legt Bernard Clerfayt uit.

Meer controles om dierenwelzijn te waarborgen

De dienst voor diergeneeskundige inspectie zal versterkt worden met de aanwerving van een extra medewerker. Deze rekrutering, waar veel parlementsleden om hebben gevraagd, zal het mogelijk maken om de controles uit te breiden.

Brussels Wetboek voor Dierenwelzijn voorbereiden

Tot slot kondigde de minister ook aan dat in 2021 een website gelanceerd zal worden over de verwezenlijking van het toekomstige Brussels Wetboek voor Dierenwelzijn. Het doel is om de Brusselaars te betrekken bij de uitwerking van het Wetboek door hen te vragen naar hun relatie met levende wezens en naar wat er volgens hen zou moeten gebeuren.

“Fiona, Poly, ... Recente gebeurtenissen hebben ons herhaaldelijk laten zien dat de kwetsbare positie van dieren ten aanzien van de mens gepaste en ambitieuze reacties vereist, op hetzelfde niveau als de bescherming die we dieren willen bieden. Voor het eerst stijgt de begroting voor dierenwelzijn aanzienlijk, namelijk met 33%, wat bewijst dat dierenbescherming in het Brussels Gewest een prioriteit is”, besluit de Brusselse minister.

“Rebound.brussels”, maatregel voor nieuwe werkzoekenden

Actualiteit
“Rebound.brussels”, maatregel voor nieuwe werkzoekenden

“Met rebound.brussels willen we voormalige werknemers snel opvangen. Zij hebben competenties, zij bezitten kennis. Zij moeten zo snel mogelijk opnieuw een job vinden om te vermijden dat ze vast komen te zitten in de werkloosheid. Het is een race tegen de klok”, aldus Bernard Clerfayt, de Brusselse minister van Werk.

“Rebound.brussels” is de maatregel die gewijd is aan de begeleiding op maat van nieuwe werkzoekenden die het slachtoffer werden van een faillissement. Een innovatie in het Brussels Gewest om een antwoord te bieden op de crisis waaraan de Brusselse Regering het hoofd wil bieden.

Begeleiding op maat

Concreet zal elke werknemer begeleiding op maat genieten die aangepast is aan zijn competenties. Het is de bedoeling om de nieuwe werkzoekenden te oriënteren naar duurzame sectoren, door hen opleidingen en een persoonlijke coaching aan te bieden.

De begeleiding, die verstrekt zal worden door Actiris en de sociale begeleiders, afkomstig uit de syndicale organisaties, is individueel. Toch zal een nooit geziene gezamenlijke aanpak gehanteerd kunnen worden, met name in het geval van een faillissement van een onderneming waar veel mensen werken. De werknemers die zich herscholen, zullen samen hun nieuwe beroepsproject kunnen opbouwen, terwijl eenieder kan steunen op het stimulerende effect van een positieve groepsdynamiek.

3,5 miljoen euro in 2021

Het project betreft alle werknemers die ontslagen werden als gevolg van een bedrijfsfaillissement dat plaatsvond vanaf 1 juli 2020. Rebound.brussels zal in 2021 over een budget van 3,5 miljoen euro kunnen beschikken om meer dan 2.000 Brusselaars te begeleiden en weer aan het werk te krijgen.

Dierproeven: verscherpte controles en verspreiding van alternatieven

Actualiteit
Het aantal dieren dat betrokken is bij dierproeven verminderen

Om de controles efficiënter te maken en dossiers met betrekking tot dierproeven sneller te verwerken, wordt het hele proces gedigitaliseerd. Tegelijkertijd wordt er een kadaster opgericht van alternatieve methodes voor dierproeven. De VUB is door de Brusselse regering belast met de uitvoering van deze werkzaamheden en de verspreiding van de alternatieve methodes.

"Ik wil het lijden van proefdieren zoveel mogelijk vermijden. De bescherming van dieren en de ontwikkeling van alternatieve methodes blijven twee van mijn belangrijkste prioriteiten”, herhaalt de Brusselse minister van Dierenwelzijn Bernard Clerfayt.

De Brusselse regering heeft zojuist, op voorstel van de minister, haar verbintenis  vernieuwd om proefdieren beter te beschermen en de ontwikkeling en verspreiding van alternatieve methoden voor dierproeven aan te moedigen. Deze maatregelen zijn essentieel om te komen tot een drastische vermindering van het aantal proefdieren.

Brede verspreiding van alternatieve methodes voor dierproeven

Dit kadaster is tot op heden het referentiepunt voor alternatieven voor dierproeven. Het inventariseert alle bestaande initiatieven. Uiteindelijk zal een grotere toepassing van deze methodes niet alleen het dierenwelzijn verbeteren, maar ook het aantal gebruikte proefdieren verminderen.

Dierenproeven onder toezicht

In 2019 werden 62.641 proefdieren gebruikt door de 68 in het Brussels Gewest erkende laboratoria, tegenover 82.086 in 2018.

In het Brussels Gewest zijn dierproeven streng gereglementeerd: de dieren die voor proeven worden gebruikt, genieten wettelijke bescherming en alle instellingen, die vooraf erkend moeten zijn, worden onderworpen aan controles.

Het is een sterke verbintenis uit het meerderheidsakkoord: blijven streven naar een drastische vermindering van het aantal proefdieren en de ontwikkeling en verspreiding van alternatieve methodes ondersteunen.

Jobs te redden in over te nemen ondernemingen

Actualiteit
Een nationale primeur: het Brussels Gewest lanceert een coöperatie voor “overnemerschap”

Een nationale primeur: het Brussels Hoofdstedelijk Gewest lanceert een coöperatie voor de overname van activiteiten. De context van de crisis zet de Brusselse Regering aan om blijk te geven van creativiteit om overal waar het kan, jobs te redden.

In ondernemingen of handelszaken in moeilijkheden is relance mogelijk door de gerealiseerde prestaties om te zetten in een aangepast concept. Natuurlijk is er de activiteit van de ondernemer die gered of gecreëerd kan worden, maar vaak zijn er ook rechtstreeks of onrechtstreeks jobs bij betrokken.

Grotere kansen op slagen

Door een onderneming over te nemen en haar in goede omstandigheden herop te starten, maakt de ondernemer een goede kans om op de lange termijn te slagen.

Er werd aangetoond dat het percentage overgenomen ondernemingen dat na 3 jaar nog actief is, groter is dan dat van nieuw opgerichte ondernemingen. Het “overnemerschap” verhoogt dus de kans om een activiteit te verduurzamen in verhouding tot het oprichten van een onderneming.

Het overnemen van een onderneming en het potentieel ervan valoriseren, moet niettemin weldoordacht gebeuren. Er wordt een coöperatie voor de overname opgericht om de kandidaat-overnemers met kennis van zaken te begeleiden: hulp bij de uitwerking van een financieel plan, boekhouding, projectbeheer, HR-ondersteuning, klantenrelaties, etc.

740.000 euro om overnemers te begeleiden

De Brusselse Regering investeert dit jaar 140.000 euro om 25 kandidaat-overnemers te begeleiden en in 2021 600.000 euro om de opdracht voort te zetten.

Het proefproject zal ontwikkeld worden onder de vorm van een coöperatie voor activiteiten en tewerkstelling met sociaal oogmerk binnen de groep JobYourself-DIES. Dat is een Brusselse structuur met meer dan 10 jaar ervaring in het testen van activiteiten en in draagbedrijven. De Brusselse Regering heeft ervoor gekozen om de bestaande kennis en ervaring te optimaliseren en bijeen te brengen, in plaats van een extra structuur op te richten. De geïnvesteerde middelen zullen op die manier rechtstreekser naar de doelgroepen vloeien.

De opstart van dit project zal binnen en ten voordele van het bestaande Brusselse ecosysteem gebeuren, in samenwerking met Actiris, Hub.brussels en de loketten voor sociale economie.

Dit initiatief staat ook ten dienste van zelfstandigen die het slachtoffer werden van een faillissement, of van wie de activiteit als gevolg van de crisis het economisch moeilijk heeft. De doelstelling bestaat erin het potentieel van activiteiten in moeilijkheden te valoriseren.

Meer opleidingen en meer jobs in de sociale economie

Actualiteit
Extra middelen in het Brussels Gewest voor meer opleidingen en meer jobs in de sociale economie

Een budget van 13 miljoen euro  wordt vrijgemaakt om de begeleiding en opleiding van meer dan 1.620 werknemers in de sociale economie te financieren. Deze maatregel, voorgesteld door de minister van Werk en Beroepsopleiding Bernard Clerfayt, heeft betrekking op 124 structuren uit de sociale economie.

“[…] De economische crisis zal ook druk uitoefenen op degenen die het verst van de arbeidsmarkt verwijderd zijn. Ik wil niet dat langdurig werkzoekenden dubbel gestraft worden” verklaart Bernard Clerfayt. “[…] Daarom zal in 2021 een bijkomend budget van 30 miljoen euro worden besteed aan nieuwe inschakelingsbetrekkingen in de sociale economie, wat goed is voor meer dan 1.200 toekomstige werknemers”

Sociale economie, stuwende kracht van de inschakeling

Sinds 2018 heeft de sociale economie een ware revolutie doorgemaakt. De ambities om het glazen plafond van de sociale economie te doorbreken en de professionalisering van de sector te ondersteunen bij zijn opdrachten van socio-professionele inschakeling, zijn eindelijk geconcretiseerd.

Om aan de nieuwe wetgeving te voldoen, moesten de structuren binnen de sociale economie erkend worden.

Het betreft tal van activiteitensectoren waarin structuren uit de sociale economie aanwezig zijn: van catering en recycling (Petit Riens), tot de bouwsector, enz.

De professionalisering van de sector, evenals de grote diversiteit aan activiteiten, maken van de sociale economie een potentiële springplank naar de traditionele sector.

Het inschakelingsprogramma richt zich zowel op de ondersteuning en de begeleiding van werknemers van de doelgroep, projecten voor het verwerven van vaardigheden als op tewerkstellingsprojecten.

124 gemandateerde structuren

Erkende ondernemingen binnen de sociale economie hadden tot 30 april 2020 de tijd om dit mandaat aan te vragen. Na analyse van de dossiers door een comité van deskundigen bestaande uit Actiris en de Adviesraad voor Sociaal Ondernemerschap, hebben 124 structuren het mandaat gekregen.

Daartoe pasten ze de volgende principes toe: een economisch project uitvoeren, een sociaal doel nastreven, een democratische bestuur voeren en een gematigde loonspanning toepassen.

Onder de gemandateerde structuren vinden we de grote namen uit de sociale economie, zoals Les Petits Riens, Atelier Groot Eiland, Casablanco en Oxfam-Solidariteit.

Welke voordelen voor de betrokken structuren en de tewerkstelling in de sector?

De eerste doelstelling is om het opleidingsaspect te versterken voor de 1.620 mensen die al in deze structuren aanwezig zijn. Door deze dimensie van vormende tewerkstelling te versterken, versterken we de inzetbaarheid op de lange termijn.

Dankzij de hervorming van de sociale economie in 2018 en het erkenninsproces in 2019 krijgen structuren toegang tot financiële producten. Met de mandatering in 2020 konden bedrijven steun krijgen om personeel uit de doelgroep aan te werven.  (langetermijncontracten).

De extra 30 miljoen die vrijgemaakt werd in de begroting voor 2021 zal het aantal jobs, met 1.200 toekomstige werknemers, bijna verdubbelen.

Gezinsbijslagen: onrechtvaardigheden rechtgezet

Actualiteit
Stelsel van gezinsbijslagen gecorrigeerd ten gunste van de gezinnen met een kind met een handicap of jongeren van min 21 jaar.

“We hebben twee grote onrechtvaardigheden voor bepaalde Brusselse gezinnen rechtgezet. De eerste betreft het ontbreken van een toeslag voor kinderen met een handicap die in een instelling verblijven. De tweede betreft jongeren van wie de beroepsinschakelingstijd afgelopen is. Deze werkzoekenden die jonger dan 21 jaar zijn, hadden geen recht op inschakelingsuitkeringen of gezinsbijslagen”, verklaarde de Brusselse minister Bernard Clerfayt, die bevoegd is voor de Gezinsbijslagen.

De correcties worden van kracht vanaf 2021, met terugwerkende kracht op 1 januari 2020 voor de verhoogde toeslagen.

Dankzij deze correcties genieten gezinnen die kinderen ten laste hebben met een handicap die in een instelling verblijven, een verhoogde gezinsbijslag. Werkzoekenden die jonger dan 21 jaar zijn en van wie de beroepsinschakelingstijd afgelopen is, en dus geen uitkering meer ontvangen, zullen recht hebben op gezinsbijslagen.

Recente hervorming van de gezinsbijslagen

Ter herinnering: de hervorming van de gezinsbijslagen is in januari van dit jaar in werking getreden in het Brussels Gewest. Zij dient om het mechanisme dat van het federale niveau geërfd werd, aan te passen aan de socio-economische situatie van de Brusselse gezinnen. Voortaan ontvangt driekwart van de Brusselse gezinnen een hoger bedrag. En de anderen hebben niets moeten inleveren.

Deze derde week van november wordt getekend door de begrotingsbesprekingen in het Brussels Parlement. Het budget voor de gezinsbijslagen, dat 882.419.000 euro bedraagt, om de ramingen van de in 2021 te betalen gezinsbijslagen te dekken, stond centraal in deze discussies.

Slechts 70% van de gezinnen met kinderen met een handicap geniet de toeslag

In 2021 wil de minister ook een studie laten uitvoeren om te bepalen welke factoren ertoe leiden dat er meer gebruikgemaakt wordt van verhoogde gezinsbijslagen voor kinderen met een handicap. Momenteel wordt geschat dat slechts 70% van de kinderen met een handicap gebruikmaakt van de verhoogde gezinsbijslagen.